7 Dingen die je beter niet tegen iemand met een burn-out kunt zeggen

Hoewel het aantal burn-outs in Nederland toeneemt, is het voor mensen die hier geen directe ervaring mee hebben vaak lastig om te begrijpen wat er nu precies aan de hand is. En dus reageren mensen vaak met goedbedoelde, maar verschrikkelijke zinnen, waar je als burn-out patiënt helemáál niet op zit te wachten. De ergste opmerkingen op een rij…

  1. ‘Hoelang duurt het nu al?’

‘Hoelang zit je nu al thuis?’ is waarschijnlijk de vraag die het vaakst wordt gesteld. En het is echt een van de allerergste vragen, want een burn-out kan héél lang duren. En als er íemand is die dat vervelend vindt, dan is dat de persoon met de burn-out zelf wel. Het kan behoorlijk pijnlijk voor iemand zijn om toe te geven dat hij of zij inmiddels al acht maanden thuis zit.

Bovendien worden juist burn-out-patiënten door dit soort vragen gewezen op de enorme prestatiedruk in onze maatschappij. Het suggereert dat elke dag waarop je niet mee doet in de ratrace een verloren dag is. Juist die druk om te presteren is wat burn-out patiënten heeft genekt. Dus mensen: het duurt zolang het duurt. Accepteren is de enige weg naar herstel.

  1. ‘Je moet aan jezelf werken’

Vaak wordt de suggestie gewekt dat patiënten de burn-out geheel aan zichzelf te wijten hebben. Dat is allerminst bevorderlijk voor het herstel. Het wakkert schuldgevoelens en negatieve gedachten alleen maar aan. Meestal is het ook niet waar. Er zijn in de aanloop naar een burn-out dikwijls gewoonweg shit-omstandigheden geweest, op werk of in het privéleven.

Houd in gedachten dat mensen met een burn-out vaak juist de bikkels zijn. De mensen die toch nog even doorgaan als anderen de handdoek allang in de ring hebben gegooid. Natuurlijk is het goed als ze dit gedrag in de toekomst minder vaak vertonen, daar is dus wel wat ‘psychologisch werk’ te verrichten. Maar dat weten ze zelf ook wel.

Open deur misschien, maar kritiek leveren op het ontstaan van hun situatie helpt burn-out-patiënten niet. Liefde en steun geven helpt daarentegen wel.

  1. ‘Als je doet wat je leuk vindt, komt het goed’

Bedrijfsartsen, managers en alle andere coaches die actief zijn in het florerende burn-out circuit (ja mensen, hier is veel geld in te verdienen!) suggereren vaak dat het heel snel weer goed kan komen met die burn-out. Als je maar ontdekt wat je leuk vindt. Graag snel een beetje. Het liefst binnen nu en drie weken. Binnen een door hen bedacht ‘traject’.

Zo werkt het helaas niet. Het probleem van veel burn-out-patiënten is namelijk niet dat zij niet weten wat ze leuk vinden. Het probleem is vaak dat ze te véél leuk vinden. Daar zijn ze aan onderdoor gegaan. Een collega die voorheen over zo’n beetje alles enthousiast en energiek deed, en die nu huilend en energieloos tegenover je zit, ga je echt niet helpen door te zeggen dat diegene gewoon iets moet gaan doen wat ie leuk vindt.

Ga dus niet proberen iemand te ‘activeren’ om ‘snel een toffe nieuwe uitdaging te vinden’. Grote kans dat het daar alleen maar erger van wordt. Eerst moeten lichaam en geest echt tot rust komen.

  1. ‘Een burn-out? Daar kom je nooit meer helemaal over heen’

Nog zo’n akelige zin. Lekker dan. Daar zit je mooi mee. Als je middenin een burn-out zit is je allergrootste angst dat deze ellende nooit meer over gaat, dus dit soort opmerkingen komen heel hard aan. En ook deze opmerking is niet per se waar. Het klopt dat er mensen zijn die altijd wel een beetje last blijven houden, maar met de juiste hulp (en vooral de juiste rust) herstelt het overgrote deel van de burn-out patiënten goed.

Doe je overspannen gesprekspartner dus een lol en stel hem of haar vooral gerust in plaats van dat je iemand nodeloos verder opfokt. Het komt goed, heus!

  1. ‘Ik ben ook weleens moe’

Een dergelijke opmerking is vaak goed bedoeld. Je wilt waarschijnlijk laten zien dat je empathisch bent, dat je meeleeft. Zeker vrouwen doen dat door elkaars gevoelens te bevestigen en herkenning te zoeken. Punt is alleen dat iemand met een burn-out niet zomaar een beetje ‘moe’ is. Die persoon is volkomen total loss.

Pas op met deze opmerking, het komt al snel wat bagatelliserend over. Trust me, als jij nog hele dagen kunt werken, afspraken met vrienden kunt maken zonder dat je daar mega gestrest van wordt, boodschappen doet, sport en ook nog je huis kan schoonhouden, dan ben je mijlenver verwijderd van oververmoeidheid.

  1. ‘Oh, dat heb ik ook gehad. Toen heb ik bijna een week op de bank gelegen!’

Als je een keer een week thuis bent gebleven omdat je moe was, maar vervolgens de maanden erna gewoon weer prima functioneerde, dan heb je geen burn-out gehad. Met een burn-out ben je maanden, soms zelfs jaren zoet. Sympathiseren is goed en fijn, maar plaats je eigen ervaringen wel in perspectief.

  1. ‘Dan kun je net zo goed gaan werken’

Elke burn-out is weer anders. Dat is het lastige. Zo zijn er mensen die al beginnen te hyperventileren als ze alleen al aan werk denken, maar die wel vrolijk een avondje in de kroeg kunnen hangen. Er zijn mensen die heel veel energie halen uit sporten, maar daaromheen toch extreem vermoeid zijn en niet kunnen werken.

Oordeel niet te hard over de dingen die burn-out patiënten wél doen. Het is voor het herstel namelijk ontzettend belangrijk dat zij dingen doen waar ze energie van krijgen of waar ze ontspanning uit halen. Het lichaam krijgt zo de kans om al die overtollige stresshormonen af te voeren en langzaam weer wat ‘happy-hormonen’, zoals serotonine en endorfine, aan te maken.

Vind je het nog best lastig om het in een gesprek met een burn-out patiënt goed te doen?

Hier nog een paar tips voor dingen die je wél kunt doen of zeggen:

  • Geef iemand tips voor ontspannende vormen van beweging, bijvoorbeeld lekker wandelen in de natuur, yinyoga of zwemmen.
  • Vraag waar de patiënt behoefte aan heeft. ‘Zijn er dingen die je wel leuk vindt en waar je wel energie van krijgt? Misschien kunnen we dat samen doen?’
  • Wees flexibel. Iemand met een burn-out vindt het lastig om dingen te plannen. Soms is er veel energie, soms heel weinig. Laat je agenda gewoon even voor wat het is en ga gewoon langs als diegene laat weten vandaag zin in iets te hebben.
  • Spreek af zonder veel te verwachten. Er ‘gebeurt’ gewoon even niet zoveel rond die persoon. Accepteer dat, en plof gewoon lekker naast iemand op de bank. Gezelschap en steun doen burn-out patiënten namelijk erg goed.
  • Biedt troost: zinnen als ‘het duurt nu eenmaal even, maar het komt echt goed’, ‘het is niet jouw schuld’ en ‘het overkomt zoveel mensen’ raken veelal de juiste snaar.

LEES OOK: Stress slecht? Het heeft ook voordelen!